Ontwikkelingsstimulatie

Toegepast bij kinderen met:

  • Voorkeurshouding
  • Plagiocephalie
  • Vertraagde motorische ontwikkeling
  • Poepschuiver

Kinderen met een voorkeurshouding typeren zich vooral door een zijdelingse rotatie van het hoofd die steeds naar dezelfde kant is. Daardoor kan ook de verdere ontwikkeling asymmetrisch verlopen waarbij 1 lichaamszijde meer wordt gebruikt, het omrollen steeds verloopt over dezelfde zijde,.. Doordat de schedel van een kind tijdens de eerste levensmaanden nog voornamelijk bestaat uit kraakbeen en dus weker is, kan een afplatting van het hoofd aan 1 zijde (plagiocephalie) hiervan het gevolg zijn. Ook bij kinderen zonder voorkeurshouding die te vaak in ruglig worden gepositioneerd kan de afplatting voorkomen aan de achterzijde van het hoofd. Deze kinderen worden gestimuleerd om de beide lichaamshelften gelijkmatig te gebruiken. Ook het omrollen wordt gestimuleerd om een spontane buiklig, waarbij het hoofd geen contact meer maakt met de onderlaag, te induceren. Via plagiocephalometrie (PCM) kan de mate van afplatting objectief worden gemeten. 

Bij sommige kinderen verloopt het bereiken van de motorische mijlpalen vertraagd. Ook zij hebben baat bij ontwikkelingsstimulatie waarbij lichaamshoudingen en –transfers worden gefaciliteerd om zo de motorische mijlpalen te doorlopen. Bij poepschuivers wordt daarom eveneens het kruipen gefaciliteerd: kruipen verloopt via een gekruiste coördinatie die het wisselend gebruik van de 2 hersenhelften vraagt. Door het afwisselend gebruiken en stimuleren van deze beide hersenhelften verloopt ook de verdere motorische ontwikkeling van het kind vlotter.